Men fluisterde wel eens: “Maak jij eigenlijk alleen maar van die kleine items?” Hoewel ik dol ben op verfijnde details, werd het tijd om die mythe vakkundig de wereld uit te helpen. Het resultaat? Een tweedelig TV-meubel van essenhout dat laat zien dat ik ook op grotere schaal mijn hand niet omdraai voor precisiewerk.

Het ontwerp bestaat uit een robuust hoofdmeubel met een ingebouwd wijnrek (prioriteiten, nietwaar?) en een slimme nis voor audioapparatuur achter een iepenhouten jaloeziedeur. Het tweede deel is een eigenwijs, ovaal kastje dat perfect in de holte van de grote kast past, maar ook prima solo kan schitteren op een andere plek.

De kunst van de jaloeziedeur

Een knipoog naar Danish Design, maar dan met mijn eigen ‘signature’: contrasterende houtsoorten. Het principe klinkt bedrieglijk simpel: latjes op canvas lijmen. De praktijk? Een meditatieve oefening in precisie.

De iepenhouten deurtjes lopen in een gefreesde groef, waarbij de latjes er net overheen vallen voor een strakke afwerking. Na wat nauwkeurig frees- en schaafwerk en een snufje grootmoeders wijsheid — kaarsenvet in de groeven — glijden de deurtjes nu soepeler dan een kunstschaatser over het ijs.

Bochtenwerk & Strijkijzers

Voor het losse kastje wilde ik diepte creëren, maar ook de zachte rondingen van de deurtjes terug laten komen. Dat betekende: buigen. Na een goed advies van de fijnhouthandel belandde ik in een experimenteel proces van buigtriplex, essenfineer en een wijde PVC-buis.

De truc? Het triplex door-en-door natmaken, in de buis laten drogen en vervolgens het fineer met een warm strijkijzer aanbrengen. De PVC-buis fungeerde als een ronde strijkplank. Het resultaat is een naadloze, gebogen wand die het meubel die organische zachtheid geeft die ik zocht.

Een nieuwe draai aan de poten

Soms moet je jezelf letterlijk in een nieuwe bocht wringen. Voor de pootjes besloot ik de hulp in te roepen van Suzan Sijmonsma (VerdraaidMooi). In een tweedaagse workshop houtdraaien leerde ik hoe je van een ruw blok resthout een elegante, taps toelopende poot maakt.

Tien pootjes later — inclusief voorgeboorde gaten voor stelschroeven — kan ik zeggen: houtdraaien smaakt naar meer. Het geeft het meubel net dat laatste zetje van puur ambacht.

Kortom: Of het nu klein of groot is, zolang er maar een uitdaging in zit, ben ik in mijn element.