Soms heb je van die projecten waarbij je na een tijdje denkt: “Waar ben ik in vredesnaam aan begonnen?” Mijn nieuwste houtbewerkingsavontuur is er precies zo een. Ik ben namelijk gestart met Kumiko, de traditionele Japanse techniek waarbij je met talloze piepkleine houten latjes ingewikkelde geometrische patronen maakt. En het mooiste van alles? Er komt geen spijker, schroef en alleen hier en daar een drupje lijm aan te pas. Gewoon heel veel geduld, scherpe beitels en af en toe een diepe zucht.
Mijn doel? Een stijlvolle wandlamp maken, opgebouwd uit vier Kumiko paneeltjes. Hier is een kijkje in mijn werkplaats en hoe dit project langzaam vorm krijgt.

 

De patronen: sterren en vijfhoeken

Voor de lamp heb ik gekozen voor twee klassieke Kumiko-patronen, verdeeld over vier panelen:
  • Asa-no-ha (hennepblad): Dit is misschien wel het bekendste Japanse patroon. Het ziet eruit als een ster en staat in Japan symbool voor bescherming en een goede gezondheid.
  • Kikko-nishiki (schildpad-schild): Een patroon -traditioneel met zeshoeken- geïnspireerd op het schild van een schildpad. Het staat voor een lang en gelukkig leven — wat goed uitkomt, want op dit tempo kost het maken van deze lamp me waarschijnlijk ook een half leven. Maar hier heb ik een twist aan gegeven. In plaats van alle figuurtjes in dezelfde richting te leggen heb ik ze om en om een kwart slag gedraaid. Daardoor veranderen de zeshoeken in vijfhoeken.

Het ontwerp maakte ik met de Kumiko Designer

 

De voorbereiding: zelf mallen maken en moed verzamelen

Voordat je überhaupt aan het echte kumiko-werk kunt beginnen, staat er eerst een flinke portie voorbereiding op het programma. Je begint namelijk niet zomaar met een zaag en een losse beitel in de hand; zonder nauwkeurige hulpmiddelen ben je nergens. Eerst moesten er zaagmallen gemaakt worden om in alle latjes van het raster exact dezelfde halfhout-verbindingen te zagen.  Daarna volgde het maken van de hoeksteekmallen (de kumiko jigs). Dit zijn houten blokken met een specifieke hoek — zoals 45, 22,5 en 65,5 graden voor het asa-no-ha patroon — waar je depatroonstukjes in legt om ze vervolgens met een vlijmscherpe beitel op de juiste hoek af te steken. Het maken van deze mallen is eigenlijk een project op zich. Als je mal een fractie van een graad afwijkt, zie je dat later terug als gaatjes in het patroon. Kortom: een hoop secuur meet- en zaagwerk vooraf, zodat je later in het proces niet hopeloos vastloopt.

Het hout: esdoorn en peer

Traditioneel wordt Kumiko gemaakt met Japanse cypres (hinoki). In het Westen wordt ook vaak lindehout gebruikt. Dit zijn goed bewerkbare houtsoorten met een fijne nerf. Mijn ‘signature’ is echter dat ik werk met constrasterende houtsoorten.
  • Esdoorn: licht, bijna melkachtig hout. Het heeft een hele fijne structuur, wat ideaal is voor dit priegelwerk (en het laat het strakke lijnenspel heerlijk afsteken).
  • Peer:  een warme roze-bruine gloed en zijdezacht hout. De combinatie tussen de  lichte esdoorn en het warme perenhout geeft de lamp precies de verfijning die ik zoek.

Dit zijn wat hardere houtsoorten. Het vraagt wat meer kracht en écht vlijmscherp gereedschap om het te snijden, maar het grote voordeel is het kleurencontrast dat je ermee kunt maken.

 

Hoe staat het er nu voor?

Eerlijk? Mijn werkbank ligt vol met houtsnippers en ik heb inmiddels meer houtjes gezaagd en op maat gesneden dan ik kan tellen. Het is precisiewerk op de millimeter — als één hoekje 0,5 graad afwijkt, past het hele patroon aan het einde niet meer. Het is een mix van ultieme ontspanning en af en toe lichtelijk wanhopig worden als weer eens  een piepklein stukje hout wegvliegt bij het in elkaar priegelen. Maar wanneer de stukjes naadloos in elkaar schuiven zonder dat er lijm aan te pas komt… dat geeft écht voldoening.

Wat ik hiervan geleerd heb (de harde lessen)

Dit project was een behoorlijke oefening in geduld en had twee duidelijke leercurves:
    • Meten is weten, gokken is opnieuw beginnen: Het snijden van de hoeken voor de asa-no-ha en kikko-patronen luistert bizar nauw. Kumiko is meedogenloos; als je er een halve millimeter naast zit, sluit het patroon niet meer en zie je dat meteen. Mijn beitels zijn nog nooit zo vaak geslepen.
    • Verdwaald in elektronica-land: Het houtbewerken ging me prima af, maar de elektronica was een heel ander verhaal. Ik heb best wat tijd doorgebracht om uit te vogelen welke LED strips, transformator, dimmer en kabels en connectors ik nu eigenlijk nodig had. Weer een vaardigheid rijker, zullen we maar zeggen.

Benieuwd naar het resultaat? Kijk dan in mijn portfolio: Kumiko lamp met een paars accent